duurzaam stedelijk water vormgegeven
Zichtbaar water heeft in tegenstelling tot ondergrondse systemen een grotere ruimtebehoefte. Straten worden breder door de toepassing van open goten; infiltratievoorzieningen zijn groter dan straatkolken; open bergingswater is groter dan een overstort. Veel van de extra ruimtevraag kan echter gecombineerd worden met andere functies; een holle weg kan als goot dienen, spel- en sportfuncties en openbaar groen kunnen uitstekend met een infiltratievoorziening worden gecombineerd en kavels kunnen als wateroppervlak uitgegeven worden. Als het watersysteem in een vroeg stadium in de stedenbouwkundige planvorming wordt meegenomen, is er zonder ingrijpende extra’s veel mogelijk. De mate waarin het water als structurerend element wordt ingezet varieert. In het meest eenvoudige systeem wordt een specifiek zichtbaar en duurzaam alternatief voor het conventionele systeem toegepast, zoals bijvoorbeeld bovengrondse hemelwaterafvoer. Verdergaande systemen benutten de specifieke mogelijkheden van alternatieve watersystemen, zoals regenwatergebruik en plaatselijke zuivering van afvalwater, en versterken bijvoorbeeld de mogelijkheden voor natuurontwikkeling.
De verschillende bodemsoorten (klei en zand) leiden bij het ontwerp tot het toepassen van wezenlijk verschillende systeemcomponenten en verschillen in ruimtebehoefte en zichtbaarheid.
In de natte, kleiachtige situatie wordt in principe uitgegaan van een bovengrondse afvoer, een buffering in vijvers, greppels en dergelijke en lozing op oppervlaktewater of infiltratie middels een drainagesysteem. Voor het bufferen is bergend oppervlak nodig. De voorkeur gaat uit naar niet al te grote peilfluctuaties om de kwaliteit van de (begroeide) oevers te garanderen.
In een situatie met een droge, zandige bodem wordt het regenwater geïnfiltreerd in de bodem. Dat kan bovengronds en dus zichtbaar met behulp van draspoelen of meer ondergronds met een drainagesysteem. Deze laatste voorzieningen zijn minder zichtbaar. Het water verdwijnt immers in de bodem. De infiltratievoorzieningen kunnen ook meer verspreid worden toegepast, bijvoorbeeld per gebouw.
Hoofddoelen van de hier beschreven technieken zijn de verbetering en beheersing van de waterkwantiteit, waterkwaliteit en de woonkwaliteit in stad en stadsdeel. De middelen die hiervoor beschikbaar zijn, zijn het vasthouden en zuiveren van het water en het zichtbaar maken van het watersysteem. Daarnaast kan door het creëren van kringlopen het gebruik van drinkwater in de stad of het stadsdeel worden verminderd. Essentieel bij elke bewuste omgang met het element water in de bebouwde omgeving is dat daarbij de totale waterbalans wordt bekeken. Alleen dan is het mogelijk om tot zinvolle en verantwoorde afwegingen te komen waarbij de verschillende maatregelen op elkaar zijn afgestemd en een samenhangend geheel vormen. Bepaalde maatregelen kunnen elkaar tegenwerken terwijl andere maatregelen in combinatie juist een meerwaarde opleveren. Een voorbeeld van maatregelen die elkaar tegenwerken, is het gebruik van regenwater in combinatie met grasdaken. Doordat de grasdaken het water vasthouden, is er nauwelijks regenwater beschikbaar voor gebruiksdoeleinden. Een voorbeeld van meerwaarde is bijvoorbeeld het vasthouden van het regenwater op het terrein in combinatie met volledige decentrale zuivering en hergebruik van afvalwater. Een aansluiting op de riolering kan dan achterwege blijven. Integratie van verschillende gebruiksmogelijkheden en milieumaatregelen kan een meerwaarde opleveren ten opzichte van de afzonderlijke onderdelen. Zo heeft bijvoorbeeld een helofytenfilter voor de zuivering van het afvalwater tevens een landschappelijke waarde. Vormgeving van de omgeving, ecologische waarde en gebruiksfunctionaliteit gaan daarbij samen.
een project van opMAAT architectuur, stedenbouw, onderzoek en advies ~ www.opmaat.info ~ water@opmaat.info